Antennebureau: Misverstanden over UMTS

vrijdag, 27 april 2007 - Categorie: Artikelen

Op www.antennebureau.nl/index.php?id=466 staat een overzicht met (vermeende) misverstanden over UMTS. In april 2007 is de lijst uitgebreid met punt 9. Zie www.antennebureau.nl/fileadmin/pdfs/veel_gehoorde_misverstanden_UMTS.pdf .

Helaas bevat deze lijst zelf weer veel misverstanden, onvolledigheden en zelfs onwaarheden. Hieronder volgt een opsomming:

1. Blootstellingslimieten
Terecht wordt vermeld dat in Nederland gewoon de ICNIRP normen gehanteerd worden. Daarmee zijn de normen in Nederland nog steeds de hoogste normen ter wereld. Die “ereplaats” wordt wel gedeeld met alle andere Westerse landen die tevens de extreem hoge ICNIRP normen hanteren. De ICNIRP normen zijn gebaseerd op puur theoretische “proeven” die alleen naar de opwarmingseffecten van hoogfrequente elektromagnetische straling kijken.
De Gezondheidsraad hanteert ''wat'' hogere limieten. Voor de goede orde: die limieten zijn voor de UMTS-frequenties gewoon het dubbele van de ICNIRP limieten. Zie x/67 voor een overzicht.

2. Gepulste straling UMTS
Inderdaad klopt dat het datakanaal van de UMTS-variant die in Nederland gebruikt wordt niet gepulst is. Men vergeet echter te vermelden dat het organisatiekanaal wel degelijk gepulst is, met een frequentie van rond de 16.000 Hertz. Een UMTS basisstation zendt dus een continu gepulst signaal, omdat het organisatiekanaal 24 uur per dag aanwezig is.
Vervolgens wordt gemeld dat zowel gepulste als ongepulste straling niet schadelijk is. Hierbij worden de vele aanwijzingen dat dit wel het geval is terzijde geschoven. Bekijk de onderzoeken op deze site om een beter beeld te krijgen van de mogelijke risico’s. Vanuit wetenschappelijk perspectief is alleen te concluderen dat het nog onduidelijk is of UMTS straling al dan niet schadelijk is. Een wetenschappelijk onderbouwd statement dat de straling onschadelijk is, is derhalve volkomen onmogelijk te maken.

3. Kankergevallen en UMTS
Omdat er nog geen enkel onderzoek is gedaan naar de relatie tussen kanker en hoogfrequente elektromagnetische straling van UMTS telefoons en basisstations is hier nog helemaal niets over te zeggen. Wat GSM telefoons betreft zijn er echter wel aanwijzingen dat het risico op bepaalde soorten tumoren significant verhoogd wordt bij veelvuldig mobiel telefoneren. Of dit bij UMTS ook van toepassing is, is onbekend. Ook zijn er studies die een relatie gevonden hebben tussen de mate van stralingsblootstelling van GSM basisstations en het krijgen van kanker, maar deze studies zijn helaas wetenschappelijk niet sterk genoeg om een verband te bewijzen. Om de relatie tussen UMTS/GSM en kanker dan maar gelijk uit te sluiten is echter onlogisch. Er is meer onderzoek nodig om dat aan te tonen en tot die tijd is het logisch het voorzorgsbeginsel toe te passen.

4. Blootstelling
Er wordt gesteld dat de stralingsblootstelling geen relatie heeft met het aantal basisstations. Dit is pertinent niet waar. Wanneer er meerdere basisstations opgesteld staan in een mast, kunnen de zendvermogens bij elkaar opgeteld worden. Bij 1 zender (in dezelfde richting) is bijvoorbeeld de blootstelling in een woning 1.000 uW/m2. Als er dan een 2e identieke zender, in dezelfde richting, bijgeplaatst wordt, is aan te nemen dat de blootstelling zal verdubbelen tot rond de 2.000 uW/m2. Daarnaast is inderdaad het zendvermogen ook een bepalende factor.

5. Er komen 50.000 antennes in Nederland
Gelukkig is er eindelijk duidelijkheid hierover. Er zullen uiteindelijk zo’n 60.000 UMTS antennes geplaatst worden in Nederland. Daarnaast zo’n 48.000 GSM antennes. Het aantal installaties is grofweg te berekenen door het aantal antennes door 3 te delen. Op een gegeven moment kunnen er in totaal dus bijna 100.000 antennes in Nederland actief zijn. Na verloop van tijd zal door de toenemende populariteit van UMTS het uitfaseren van de GSM antennes beginnen. Maar tegen die tijd zullen ook weer de nieuwe antennes voor de opvolger van UMTS te verwachten zijn. Snel is dus te concluderen dat het aantal antennes alleen maar zal groeien in Nederland, zeker als WiFi en WiMax ook meegerekend worden.

6. De elektro-gevoeligen hebben last van UMTS
Zowel de Gezondheidsraad als de WHO ontkennen dat mensen last kunnen hebben van UMTS. Deze conclusie is makkelijk te trekken wanneer je met oogkleppen op alleen naar wetenschappelijk onderzoek mag kijken. Het aantal onderzoeken naar de effecten van kortstondige blootstelling aan UMTS straling is op een hand te tellen (waaronder het TNO COFAM onderzoek <1> dat dus wl een relatie vond). Die naar continue blootstelling zijn nog in zijn geheel niet uitgevoerd.
Wie zonder oogkleppen de ervaringsverhalen en de verhalen van de vele artsen leest, kan onmogelijk concluderen dat hoogfrequente elektromagnetische straling geen enkele invloed op de mens heeft.

7. Er komt steeds meer 'elektrosmog' in onze omgeving
Antennebureau: “Het is echter een misverstand dat de totale veldsterkte de afgelopen jaren hoger zou zijn dan voorheen.” Dit is een grove misvatting. Simpele metingen in woningen, vooral in dichtbevolkte gebieden, kunnen keihard aantonen dat de stralingsblootstelling de laatste 10 jaar vele malen hoger is geworden. In veel woningen zijn nu waarden van meer dan 1.000 tot zelfs meer dan 20.000 uW/m2 te meten, terwijl dit 10 jaar geleden meestal minder dan 1 uW/m2 (veelal zelfs minder dan 0,1 uW/m2) betrof. Zelfs in het laatste jaar is de gemiddelde stralingsblootstelling nog flink gestegen en deze tendens zal zich de komende maanden en jaren voortzetten met de komst van meer UMTS, WiFi en WiMax antennes, en tevens een toegenomen gebruik van DECT en WLAN apparatuur binnenshuis.

8. UMTS is breedbandig en geeft sterkere elektromagnetische velden dan GSM
Of de genoemde waarden van 0,5 voor UMTS en 1,0 V/m voor GSM kloppen, is nog niet te verifieren. De telecom operators doen extreem geheimzinnig over de gebruikte zendvermogens. Mogelijk heeft het Antennebureau het hier bij het rechte eind en wordt bij UMTS basisstations/antennes inderdaad een lager vermogen gebruikt. Wat echter vergeten wordt te vermelden, is dat UMTS antennes meestal gemonteerd worden op antenneinstallaties waar reeds een aantal GSM antennes gemonteerd is. Zoals hierboven al eerder vermeld, kan dus de blootstellingswaarde van de nieuwe UMTS antennes opgeteld worden bij de reeds bestaande blootstellingswaarden van de GSM antennes.

Daarnaast zijn er aanwijzingen dat het UMTS signaal mogelijk sterkere biologische effecten geeft dan GSM. Het TNO COFAM onderzoek <1> wijst in die richting (hoewel het geteste GSM signaal een verzwakte variant betrof). Ook een laboratoriumonderzoek <2> (een van de weinige onderzoeken dat naar UMTS gekeken heeft) lijkt aan te tonen dat het grillige UMTS signaal meer biologische effecten geeft dan een GSM signaal. Of en in welke mate hoogfrequente elektromagnetische straling biologjsche effecten geeft, hangt niet alleen van de sterkte van de straling af, maar ook van diverse andere factoren zoals de eigenschappen van het signaal, de pulsering en van bepaalde factoren die variabel zijn per persoon. Ondanks de naam stopumts (die doet vermoeden dat alleen UMTS de boosdoener is), gaat het om de totale som van electrosmog, dus om alle bronnen tesamen. Een gemiddeld huishouden in de Randstad wordt blootgesteld aan een unieke mix van continue straling van o.a. DECT, WLAN, WiFi, C2000, GSM, UMTS, analoge en digitale radio en televisie en binnenkort ook WiMax antennes en daarnaast aan tijdelijke straling van o.a. magnetrons en mobiele telefoons, op de momenten dat die in gebruik zijn.

Update april 2007:
Zie Artikelen/1860 . UMTS zenders blijken extreem hoge zendvermogens te hebben en hoger dan GSM zenders. De stelling ''een gloeilamp verbruikt evenveel als een UMTS-basisstation'' van het Antennebureau en Monet kan nu echt met zekerheid ontkracht worden.

9. De gemiddelde elektromagnetische veldsterkte wordt lager als antennes verder weg geplaatst worden
Het Antennebureau stelt dat antennes met een hoger vermogen moeten zenden als de afstand tot de gebruikers groter wordt. Dit is theoretisch inderdaad juist. In de praktijk kan de gemiddelde veldsterkte in woningen echter flink verlaagd worden door masten op grotere afstand van bebouwing te plaatsen. In huizen worden vermogensdichtheden van ruim meer dan 1.000 uW/m2 gemeten, terwijl een mobieltje al bij een honderdste van een uW/m2 perfect werkt.
Als tevens geaccepteerd wordt dat in diepe betonnen kelders niet noodzakelijkerwijs gebeld moet kunnen worden, dan is de gemiddelde veldsterkte nog veel verder te verlagen, omdat de antennes dan met een veel lager vermogen kunnen stralen.

Referenties:
<1> Onderzoeken/86
<2> Onderzoeken/515 .



Lees verder in de categorie Artikelen | Terug naar homepage | Lees de introductie